Lyristes plebejus

Provencaalse cicade

Lengte 40-50 mm, juni-september

Kenmerken
Met een vleugelspanwijdte van bijna 100 mm is dit de grootste, Europese, zangcicade (familie Cicadidae). Breed lichaam vleugels zonder duidelijke tekening.

Voorkomen
Middellandse Zeegebied noordelijk tot in Zuid-Tirol. In struiken en bomen.

Levenswijze
De soort zit overdag vaak tegen boomstammen. Het mannetje produceert een doordringend hard geluid door te vibreren met kleine membranen of tymbalen aan beide zijden van het achterlijf. Chitineuze deksels (opercula) liggen over de tymbalen om ze te beschermen, maar fungeren daarbij ook als klankkast. Het geluid bestaat uit een harde zoemtoon, die na 5 sec. almaar zachter wordt, maar na 5-10 sec. weer oplaait, zoals een machine die na het afstellen nog een onregelmatigheden vertoont. Cicaden voeden zich met plantensap.

Gelijkende soorten
De kleinere Cicada orni heeft 11 vlekjes in de vleugels en lijkt met een grijze waas bedekt. Hun aanhoudend gezang is veel luider, lijkt wel wat op een boomkikkerconcert en wordt hoog in (dennen)bomen geproduceerd.

%LABEL% (%SOURCE%)