Agenioideus usurarius

Lengte 6-9 mm, juli-augustus.

Kenmerken
Kleur bijna geheel zwart, alleen het tweede tergiet aan de voorkant roodbruin, zelden ook het derde tergiet.

Voorkomen
Op warme, zonnige plekken, vooral op steile (rots)wanden en in groeven. In Nederland en België beperkt tot de zuidoostelijke delen.

Levenswijze
De soort is één van de weinige spinnendoders die op trechterspinnen en verwanten is gespecialiseerd en vangt bijvoorbeeld juveniele huisspinnen (geslacht Tegenaria) (280 2 g). Ze loopt met haar langpotige, moeilijk te vervoeren prooi toch vrij behendig achteruit over steile wanden op zoek naar een nest. Daar wordt een ei gelegd en de spin onder zand en gruis verstopt.

%LABEL% (%SOURCE%)